Uit de geschiedenis van Holland: Het leven aan het Beierse hof<< Terug naar Nieuws overzicht

In zijn driedelige blog Uit de geschiedenis van Holland blikt Piet Vernimmen terug op bijzondere gebeurtenissen uit de Nederlandse geschiedenis. Dit ter voorbereiding van de prachtige muzikale show MISSA: Over het onstaan van Holland, van Haags orkest Música Extrema op zondag 26 mei.

Het Hollandse, Henegouwse en Beierse Huis


Na de graven uit het Hollandse Huis (van 885 tot 1299), krijgen we van 1299 tot 1345 respectievelijk Jan II, Willem III en Willem IV, de graven uit het Henegouwse Huis. Van 1354 tot 1433 hebben in Den Haag de graven uit het Beierse Huis het voor het zeggen, te weten Willem V, Albrecht van Beieren, Willem VI en Jacoba van Beieren. Na het Beierse Huis komen de graven uit het Bourgondische Huis.

Als wij tijdens de vakantie naar Frankrijk of Duitsland gaan en daar de rijk aangeklede kastelen zien, kunnen we ons zonder moeite voorstellen dat de bewoners er een ‘Bourgondisch’ luxe levensstijl op nahielden met bijpassende kledij en copieuze maaltijden. Bij Nederlandse kastelen uit vroeger tijden hebben we die associatie een stuk minder.

Moord en doodslag

Misschien heeft dat idee ook te maken met ons geschiedenisonderwijs. Daar zijn moord en doodslag immers de vasten punten: Bonifatius door de heidense Friezen vermoord, Dorestad door de Noormannen verwoest, Floris V door de edelen vermoord, de geuzen veroveren den Brielle, de martelaren van Gorcum, 1600 de slag bij Nieuwpoort, om er maar een paar te noemen. Niet dat we ons de Hollanders en de Hollandse graven rond 1300- 1500 voorstellen als een loslopend volkje gehuld in berevellen dat elkaar met grote knuppels de hersens inslaat, maar de associatie met een verfijnde hofcultuur heeft ook niet iedereen.

Een woord van eer

Het is – als ik voor mezelf mag spreken- Frits van Oostrom geweest die in zijn boek ‘Het woord van eer- literatuur aan het Hollandse Hof omstreeks 1400’ dat beeld heeft gewijzigd. Hij geeft aan dat er rond 1400 in de periode van het Beierse Huis wel degelijk sprake is van een echte hofcultuur. Misschien niet zo verfijnd en op hoogstaand niveau als in het buitenland, maar voor hoge buitenlandse gasten hoeven we ons in 1400 niet te generen.

Binnen- en Buitenhof

Het dorp Den Haag ligt tot de 17e eeuwse singels bijna aandoenlijk vrij tussen weilanden en bossen. Binnen dat dorpje ligt aan de grote vijver het grafelijke slot en dat is wèl beschermd. Binnen- en buitenhof kom je enkel binnen via een van de drie stadspoorten: in de omgeving van het huidige Haags Historisch Museum staat de Bospoort, bij het gebogen gedeelte van het nieuwe Tweede Kamercomplex, ligt de Spuipoort en de derde poort is de Voorpoort.

De Voorpoort wordt Gevangenpoort

Tot 1420 is op het binnenhof achter de huidige ridderzaal een kleine ruimte die dienst doet als gevangenis. Maar in het midden van de 15e eeuw past zo’n gevangenisje met zijn vaak tierende gevangenen niet meer in de sfeer van deftige ‘binnen- en buitenlandse’ bezoekers en dito chique feesten en de gevangenis verhuist dan ook naar de Voorpoort, waarmee de poorter van de ene dag op de andere ook cipier wordt.

De hofhouding

Rond 1400 telt de hofhouding van het Beierse Huis ruim 100 personen. Van Oostrom geeft een overzichtje binnen die groep en in dat lijstje zien we onder andere een zwanengraaf die toezicht heeft op de zwanen in de vijver, er zijn nachtwakers, bouwvakkers, valkeniers en havikkiers, persoonlijke lijfwachten, klerken, deurwaarders (de bediende die steeds bij de ingang staat van het vertrek waar de graaf zich bevindt, is), kamerlingen, kleermakers, lijfartsen en boden. En daarnaast dan nog de persoonlijke hofhouding van de troonopvolger en de gravin. Als er hoge gasten komen, nemen die natuurlijk hun eigen personeel mee. Het is kortom aan het einde van de 14e eeuw, in de tijd van Albrecht van Beieren, vaak een chique drukte van belang hier in dat stukje van Den Haag.

Feesten en partijen

Een graaf moet zich gedragen naar zijn stand en daar hoort eten ook bij. De wijn komt uit Frankrijk en Duitsland, het bier uit Hamburg, de eigen grafelijke vissersvloot levert de vis en het vlees komt uit de naburige bossen. Dat alles wordt geserveerd in overdadige hoeveelheden en van uitstekende kwaliteit.

De rekeningen van de drie diners die Albrecht in 1396 geeft ter ere van de gravin van Gelre (het boek van Van Oostrom is echt een aanrader!) spreken onder andere van geroosterde zwanen, wild, jonge ganzen, konijnen, gevogelte, everzwijnen, speenvarken, snoeken, zalm, schapenvlees, kreeft en vispasteien.

De vorstelijke entourage wordt nog versterkt door sport en spel, jachtpartijen, spelevaren op de Hofvijver en niet te vergeten door een eigen menagerie. De graaf houdt leeuwen en er is sprake van berenhokken. Apen zijn in die dagen een geliefd geschenk. In 1408 ontvangt het hof een dromedaris als cadeau en in 1416 zelfs een luipaard.

Muziek en dichters

Het grafelijke hof heeft eigen dichters, musici en zangers; maar ook de edelen zelf musiceren en zingen. Jacoba van Beieren speelt luit, harp en clavichord. Violisten en trommelaars uit Dordrecht, blazers uit Rotterdam en Leiden luisteren de feesten op, er komen toneelgroepen uit Lille, sprekers en dichters uit Keulen, Heidelberg en Kleef, zelfs uit Engeland, Frankrijk en Polen.

Juwelen

Het interieur van het grafelijke slot is versierd met geweven tapijten en schilderijen van vloer tot aan plafond. Er is tafelzilver, er zijn kunstvoorwerpen, dure kleding en overdadige juwelen. Alles past binnen ‘vorstelijke’ staat die binnen Europa gangbaar is en het Beierse Huis is wat dit betreft niet kinderachtig.

Als rond 1395 een jonkvrouw per ongeluk een kostbare diamanten ring in het water laat vallen, besluit de galante Albrecht om bij het Spui de muur door te steken om zodoende de vijver leeg te laten lopen. Maar dat gaat bijna fout: het water stroomt met grote kracht het hofcomplex in. Om te voorkomen dat het gehele binnenhof overstroomt (en hoogstwaarschijnlijk dus ook een groot deel van het lagergelegen dorp) moet snel een dubbele dam worden geplaatst om het water weer tegen te houden.

Bij een van de 20e eeuwse onderhoudsbeurten aan de Hofvijver is nog serieus naar de ring met diamant gezocht. Zonder succes overigens.

Piet Vernimmen


Liefhebbers van cultuur, erfgoed en verhalen uit de Hollandse geschiedenis kunnen hun hart ophalen tijdens de muzikale voorstelling MISSA. Reserveer hier kaartjes voor deze muzikale voorstelling over Over Het Ontstaan van Holland.